SPRING on Screen
nog te zien t/m 31 mei
 
 
 

Er is een ander soort magie als er een robot op het podium staat

 

“I can take any empty space and call it a bare stage. A man walks across this empty space whilst someone is watching him, and this is all that is needed for an act of theatre to be engaged.” - Peter Brook, The Empty Space

Brook benoemt als de basis voor alle theater: een lege ruimte, waarop een mens loopt terwijl een ander mens naar hem kijkt. Maar in Uncanny Valley van Stefan Kaegi komt er geen mens op het podium. In plaats daarvan zit er een robot, een kopie van de Duitse schrijver Thomas Melle. Deze robot vertelt over de echte Thomas Melle, over zijn boek en zijn leven waarin Melle kampt met manische depressie. Hoewel de robot heel veel op Melle lijkt, zie en hoor je de verschillen. Als de robot zijn armen en handen beweegt hoor je het mechanisme werken, de mond loopt niet helemaal synchroon met de tekst en de kleine gezichtsuitdrukkingen waarmee mensen communiceren ontbreken. De robot lijkt op een mens, maar blijft een robot. Het begrip uncanny valley is in de jaren ‘70 bedacht door Japanse roboticaprofessor Masahiro Mori: de ‘griezelvallei’ is een denkbeeld dat gebruikt wordt om een gevoel van afkeer te beschrijven als een robot sterk op een echt mens lijkt.

Uncanny Valley is niet de eerste performance op SPRING zonder acteurs - in 2018 speelde Deep Present van Jisun Kim, waarin 4 Artificial Intelligences het gesprek met elkaar aangingen over grote maatschappelijke vraagstukken. Twee jaar daarvoor maakte Urland INTERNET OF THINGS/Prometheus de vuurbrenger, een performance met en geautomatiseerde robotarm en 4 geometrische objecten die tot leven kwamen met de stemmen van de acteurs. Uncanny Valley is als het ware een volgende stap in de ontwikkeling van robots in een performance: de stappen naar het steeds menselijk worden van robots. Er wordt gespeeld met hoe een robot menselijk kan worden - of beter gezegd hoe een mens in een robot kan veranderen. Pedro Manuel heeft deze (technologische) ontwikkeling in theater beschreven in zijn thesis Theatre Without Actors. Een van de categorieën de Pedro beschrijft is de afwezigheid van en fysieke menselijke performer. De afwezigheid van acteurs daagt de definitie van Brook uit: is er nog sprake van theater als er geen relatie ontstaat tussen een menselijke performer en menselijk publiek? Kan een niet-menselijke performer deze relatie ook tot stand brengen? En gaan we daarmee richting een theater zonder mensen?

Er is een ander soort magie als er een robot op het podium staat, er heerst een spanning waarin je als publiek probeert te bepalen wat echt is en wat niet. Precies deze spanning maakt Uncanny Valley een bijzondere toevoeging aan het programma van SPRING. Het bevraagt de definitie van Brook, en wat we als theater ervaren. Als er een performer, menselijk of niet, op het podium staat die aan het publiek een ervaring levert, is dat dan geen theater? Ik heb nog steeds in een theaterzaal gezeten in een publiek, en ik heb een performer gezien die een verhaal heeft vertelt. Ik heb interpretaties over wat is verteld, en ik heb een tekst geschreven om mijn ervaring onder woorden te brengen. Nu ben ik benieuwd hoe deze ontwikkeling verder gaat, misschien is er volgens jaar een performer met alleen niet-menselijke toeschouwers die kijken naar een niet-menselijke performer? Of blijft onze aanwezigheid als mensen cruciaal bij een performance, ook als de performer een robot is? Bouwt de blik van de toeschouwer mee aan de performance? Zoals robot-Melle zegt: From your gaze I will build a house.

Door Sofie Revet

© Gabriela Neeb

& meer

 

Nieuwsbrief

Meld je aan voor onze nieuwsbrief